



In de jaren '20 van de vorige eeuw beleefde de Wereld een tijd waarin er meer producten en diensten werden gevraagd dan konden worden aangeboden. Dit dreef de prijzen van koersen en effecten tot ongekende hoogten waardoor de aandelen veel duurder waren als wat ze daadwerkelijk waard waren. Beleggers maakten enorm misbruik van deze situatie en dreven de prijzen nog verder omhoog, vergelijkbaar met wat zich de afgelopen jaren heeft afgespeeld.
In de zomer van 1929 werd het duidelijk dat de prijzen niet meer opgejaagd konden worden waardoor de economie in een neerwaarts spiraal terecht kwam. De markt was verzadigd en veel bedrijven konden hun producten en diensten niet meer aan de man brengen, de koersen op de beurs zakten verder af en bedrijven waren genoodzaakt personeel te ontslaan en te bezuinigen.
De koersen op de New York Stock Exchange zakten op 24 Oktober 1929 naar ongekende lage waarden. Hierdoor ontstond paniek onder beleggers waardoor zij hun aandelen alsnog probeerden te verkopen. De aandelen waren aan het eind van die dag zover gedaald dat deze dag te boek ging als "Zwarte Donderdag". Veel leningen konden niet terugbetaald worden waardoor veel banken failliet gingen, ergens is dit erg vergelijkbaar met wat er nu gaande is.
Het is opmerkelijk dat het tot 1954 heeft geduurd eer dat de koersen weer dezelfde waarden hadden zoals de beurs van begin 1929.



